Zoeken
  • Ronald Hünneman

Keihard seksisme in de verkiezingsstrijd

Gisteravond tijdens de woordenwisseling tussen Geert Wilders en Sigrid Kaag bereikte de vrouwenhaat een voorlopig hoogtepunt in de Nederlandse verkiezingsstrijd. Wilders verweet Kaag bij een buitenlands bezoek aan Iran een hoofddoek te hebben gedragen, terwijl vrouwen in Iran die hun hoofddoek op straat afdeden in elkaar waren geslagen door de politie: “U liet die vrouwen stikken door als Nederlandse minister met een hoofddoek om, te buigen voor de Iraan terwijl de vrouwen in de gevangenissen gingen. U heeft ze laten vallen.”

Op het verweer van Kaag dat ze door het landsbelang en het belang van vrede in de regio gedwongen was tot deze keuze, reageerde Wilders door haar tot vijf keer toe uit te jouwen voor verrader. “Verrader!”

De aanval Wilders, het alfamannetje van de PVV, was een vorm van venijnig verborgen seksisme. Want, als Kaag een man was geweest had ze nooit de keuze tussen diplomatieke belangen en vrouwenrechten hoeven maken. Als Kaag een man was geweest had Wilders nooit deze aanval kunnen plaatsen.

Wilders had voor andere aanvallen kunnen kiezen, waarmee hij evenzogoed zijn politieke punt had kunnen maken. “Zou u het niet erg vinden als u hier in Nederland gedwongen zou zijn dezelfde afweging te maken?”, bijvoorbeeld. Maar dat deed hij niet. Hij bleef zich richten op het geslacht van Kaag, door het woord ‘verrader’ in de geest van zijn volgelingen hameren. In de ogen van Wilders heeft Kaag een van de grondbeginselen van de Nederlandse cultuur verraden. Net zoals vrouwen die geen hoofddoek dragen in de ogen van Iraanse mannen de grondbeginselen van de Islam hebben verraden.


Ga stemmen. Ga op een vrouw stemmen.

Stem op een dappere vrouw als Sigrid Kaag, om laffe mannetjes de mond te snoeren.


1,206 keer bekeken0 reacties

Recente blogposts

Alles weergeven